Ieder kind heeft de hulpbronnen in zich

Iedereen zit wel eens niet lekker in zijn vel. Dit kan van korte duur zijn en het gaat vaak vanzelf weer over. Als het langer aanhoudt kan het vervelend gaan worden. Een kind kan last krijgen van hoofdpijn, buikpijn, huil- of driftbuien, concentratieproblemen, onzekerheid, faal-angst, piekeren of depressiviteit.

Volwassenen kunnen er over praten of gaan naar de huisarts. Kinderen, pubers en jongeren doen dat meestal niet. Ze kunnen niet zo goed uitleggen wat er aan de hand is of willen niet om hulp vragen.
U als ouder(s)/verzorger(s) merkt dat het kind het moeilijk heeft met zichzelf en zal zich zor-gen maken. Ook van de school kunnen signalen komen dat het kind extra hulp nodig heeft. Een kinder- en jeugdtherapeute kan dan helpen door te onderzoeken wat het probleem is, waar het mee te maken heeft en kan vervolgens meedenken in oplossingen en het kind leren er anders mee om te gaan.

In de eerste gesprekken wil de therapeute het kind beter leren kennen en een vertrouwens-band opbouwen. Tegelijkertijd gaat zij op zoek naar “hulpbronnen”, positieve krachten die ieder kind in zich heeft. Deze worden ingezet tijdens de therapie.

In de sessies wordt gebruik gemaakt van verschillende technieken en behandelmethoden die passen bij het betreffende kind. Het voornaamste waar de therapeute zich op richt is “werken aan zelfvertrouwen”. Van daaruit is het kind in staat lastige en emotïonele situaties anders te zien of anders te benaderenn en zal zich daardoor prettiger voelen.
Omdat ieder kind anders is, bestaat er geen eenduidige aanpak. De therapie sluit aan bij de aard, leeftijd en interesses van het kind.

Voorafgaand aan het traject houden we met elkaar een intakegesprek. Het doel hiervan is om een duidelijk beeld te krijgen van wat er aan de hand is en formuleren we de hulpvraag.
Ook wordt gekeken of de aangeboden vorm van therapie geschikt zal zijn.
Het aantal sessies varieert meestal van 5 tot 10. Soms zijn enkele sessies al voldoende om het kind zich beter te laten voelen.

Het gaat om samenwerken. U als ouder, uw kind en de therapeute. In sommige situaties kan ook de leerkracht betrokken worden bij de begeleiding. Vertrouwen in elkaar en in uw kind speelt een grote rol bij het beantwoorden van de hulpvraag.

HET KIND WEET DE WEG